26. dec, 2015

Angst

Hoogstwaarschijnlijk verandert volgend jaar de wetgeving op het gebied van partneralimentatie. Dit volgens een initiatiefwetsontwerp van enkele partijen in de Tweede Kamer. Als het allemaal doorgaat dan is er na een huwelijk van 3 jaar geen alimentatieplicht meer en daarboven een rato van het aantal huwelijksjaren met een maximum van 5 jaar. Dat lijkt me een goede ontwikkeling; er zijn nog steeds mannen die 30 jaar moeten betalen vanuit een vorige wetsregiem en ook de huidige 12 jaar vinden deze Kamerleden aan de lange kant. Lang, omdat de omstandigheden van – meestal de vrouw – flink kunnen veranderen. Veel jongere vrouwen zijn na enkele jaren ‘uit de kinderen’ en er kan ook sprake zijn van een baan die later qua salariëring toekomstperspectief biedt. Er zijn ook vrouwen die makkelijk op eigen benen kunnen staan, maar die toch alimentatie genieten. Dan heb ik het uiteraard niet over de vrouwen die in de bijstand terecht komen, om wat voor reden dan ook.

In minimaal 46% van de gevallen krijgt een gescheiden vrouw binnen twee jaar een nieuwe LAT-relatie, aldus het Vlaamse onderzoek ‘Scheiden in Vlaanderen’, dat representatief is voor Nederland. Twintig procent van de groep vrouwen die tussen 1981 en 2005 scheidden, hadden op het moment van de scheiding al een andere partner. Bijna een kwart van de scheidsters gaat binnen het jaar op één of andere manier ook weer samenwonen, waarbij er 46% vrouwen hun eigen onderkomen aanhoudt. Na vijf jaar is dat al bijna 60%  en naarmate de jaren vorderen neemt ook het aantal dagen van samenwoning toe. Heel vaak brengen de tortelduifjes meer dan de helft van de week bij elkaar door, blijkt uit cijfers van het CBS uit 2014. Eigenlijk een situatie waarin ze eigenlijk in de zin van de wet als ‘zijnde gehuwd’ samenwonen. Helaas is dat voor de alimentatie betalende man moeilijk te bewijzen. Want de wet hanteert nogal wat criteria die een goede bewijsvoering nauwelijks mogelijk maakt.

Bewijsplicht

Veel vrouwen wonen derhalve eigenlijk samen, zoals de wet het zo mooi zegt: ‘Als waren zij gehuwd’. Aan de man is dan de plicht om dat te bewijzen. In die zin maakt de wet het de betalende ex-echtgenoot wel heel moeilijk. Het bewijs moet zijn:

  • Effectief samenwonen
  • Voeren van een gemeenschappelijke huishouding;
  • Het hebben van een affectieve relatie van duurzame aard waarbij de partners elkaar verzorgen

Volgens de Hoge Raad moet er om de vraag te beantwoorden of er in een voornoemde situatie sprake is van samenwonen als waren zij gehuwd worden gekeken naar de kenmerken van een “normaal” huwelijk. Een van de kenmerken van een “normaal” huwelijk is dat de echtgenoten met elkaar effectief samenwonen. Als er nét niet voldaan is aan de samenwoningeis omdat de betreffende vrouwen er nog een eigen woning op na houden waar ze af en toe zijn, dan kan de rechter redelijkerwijs niet tot het oordeel komen dat er sprake is van een samenleven zoals bedoeld in artikel 1:160 BW.

Bewijzen

Alimentatie betalende mannen in een dergelijke situatie kennen dit artikel bijna uit hun hoofd, al was het maar omdat het moeilijk is te bewijzen dat ex-vrouwen in en LAT-relatie eigenlijk met hun nieuwe partner leven ‘als waren zij getrouwd’. Tenzij je veel geld hebt. Zo was er in 2007 een arrest van de rechtbank van ’s Hertogenbosch, waarin een man kon bewijzen dat zijn ex in een LAT-relatie feitelijk samenwoonde. Daartoe had hij een detective ingeschakeld. De rechter veroordeelde de vrouw tot een schadevergoeding van € 35000,-- voor het onderzoek van de man en een terugbetaling van alimentatie van de afgelopen vijf jaar. Helaas kan niet iedere man zoveel geld betalen voor een dergelijke research, reden waarom veel mannen de tijd van 12 jaar maar uit zingen. Zie daartoe ook het interessante stuk over partneralimentatie via de volgende link: http://www.nrcreader.nl/artikel/5022/een-kostbaar-kapot-huwelijk

Fraude

De situatie lijkt een enigszins op bijstandsfraude, dacht ik laatst toen ik voor een opdrachtgever een Sociaal Rechercheur interviewde. Ik citeer: ‘Mensen met een uitkering die in feite samenwonen belazeren de boel. De vraag is of echter of de betreffende ‘hokkers’ er veel gelukkiger van worden. Want er is een behoorlijk oeuvre nodig om er voor te zorgen dat het niet wordt ontdekt dat ze in feite samenwonen. Ze leven constant in angst. Dat betekent dat ze regelmatig in hun eigen huis moeten zijn, want alimentatie betalende exen en rechercheurs liggen altijd wel op de loer. De LAT-geliefde kunnen geen gebruik maken van sociale media uit angst te worden gevolgd, ze doen jarenlang de gordijnen dicht als ze bij hun vriendje zijn, parkeren de auto om de hoek en doen zelden of nooit samen de boodschappen uit angst te worden ontdekt. Of ze kopen hun spullen in andere gemeenten. Eigenlijk is het geen leven, en de risico’s tot terugbetaling zijn groot’.

Wetswijziging

De moeilijkheid van de huidige wet is, dat er veel is te bewijzen als men maar volhoudt, maar niet of er daadwerkelijk in de zin van de wet wordt samengewoond. ‘Want dat zijn de huis- en bedgeheimen van de geliefden die moeilijk kunnen worden aangetoond’, aldus citeer ik een mij bekende advocaat. Kortom: tijd voor een wetswijziging. Dat is in het voordeel van zowel de betalende als de ontvangende partner. En het geeft beide partijen op een kortere termijn meer vrijheid om een nieuw leven te beginnen.