23. mrt, 2015

Hollanders en de Heilige Berg

‘Wie mag de [Heilige] berg van de Heer bestijgen?’*) Ik dus! Aan dit derde vers uit Psalm 24 moet ik altijd aan denken als ik hijgend en puffend met de fiets de berg op rijd waar de Theologische Faculteit van de Universiteit van Leuven is gevestigd. Al heel lang geleden, in 1425 hebben de Vroede Vaderen van deze stad besloten om deze opleiding op de enige berg van betekenis in het Stadcentrum van Leuven te situeren. Niet voor niets ligt er een café tegenover de toegangspoort. Dat is om de Gelovigen te drenken met geestrijk vocht als ze het eindpunt hebben gehaald. Dan wel de dorstige kelen smeren na een soms droog college.

 

Sinds een week of vijf studeer ik Pastorale Theologie aan het Maria Theresia College in Leuven. Geen plotselinge opwelling maar een wens die ik al langer dan veertig jaar koester. Edoch.. naar goed gebruik in die tijd werden nagenoeg alle zeven Broekema’tjes op hun 18e en soms nog eerder verzocht aan het maatschappelijk leven deel te nemen. Met andere woorden: we moesten zo snel mogelijk buitenshuis geld gaan verdienen. Met een vriend bezocht ik nog wel wat Capita Selecta aan de Gereformeerde Universiteit in Kampen. Heel leerzaam, maar daar kon de schoorsteen niet van roken. Zo’n 30 jaar geleden werd ik Katholiek. Daar heb ik nooit spijt van gehad; het Rijke Roomse leven beviel me wel. Vandaar mijn keuze om Theologie te gaan doen. In Leuven uiteraard, want daar ben ik het meeste. Veel Hollanders studeren daar niet, althans niet aan onze faculteit. Maar dat wil niet zeggen dat je mijn landgenoten niet hoort. In tegendeel!

 

Luisteren

Belgen zijn bescheidener dan Nederlanders, zeker in de omgeving waar ik de colleges ontvang. De prof vraagt wel eens na het college of er vragen zijn, maar dat is een formaliteit die door Nederlanders niet wordt begrepen. Die gaan soms met de prof in discussie. Dat is zeker niet de bedoeling. In de ogen van Vlamingen ga je naar een universiteit om wat te leren en niet om te discussiëren. Dat is anders bij zogenaamde ‘werkcolleges’. Daar is discussie gewenst, maar meestal voeren ook de mondige Nederlanders daar het hoogste woord. Hollanders hebben altijd een mening en die uiten ze ook. Belgen hebben ook een opinie, maar die houden ze altijd voor zich, zeker als er Hollanders bij zijn. Hoe moeilijk het ook is… meestal houd ik mijn mond tot dat men me iets vraagt. Ik ben mijn hele leven nog niet zo bescheiden geweest. Mijn betere kennissen vragen mij tegenwoordig belangstellend of ik ziek ben of iets ergs heb meegemaakt. Dat is het niet. Ik heb een beetje leren luisteren.

 

Niks zeggen

Het heeft even geduurd voor mijn medestudenten me konden plaatsen. In de eerste plaats volg ik de colleges in deeltijd als zelfstudiestudent. Dat zijn er niet zo veel, want de Universiteit geeft daar zelden toestemming voor. Het heeft ook een poos geduurd om ze daarvan te overtuigen; ik heb zelfs mijn Kamer van Koophandel bewijs moeten aanleveren om aan te tonen dat ik directeur ben van een onderneming en dat ik daardoor de officiële examandata niet kan halen en niet aan alle colleges kan deelnemen. Want dat laatste wordt bijgehouden, en zo hoort het ook. Afwezigen krijgen op hun vet. Ze zien me dus niet zo vaak. Verder ben ik in hun ogen oud, meestal net geen driemaal hun eigen leeftijd. De oudste student is een Belg van 70, maar daar hebben ze minder moeite mee omdat het een Belg is. Eigen volk wordt barmhartig behandeld. Tegen Hollanders zeggen ze in eerste instantie het minimale of gewoon helemaal niks. In mijn geval: op een grootsprekende dikke-nekkige Hollander (citaat) met een kale harses zit niemand te wachten. Maar…na vijf weken en een twintigtal colleges die ik wél weet te volgen ben ik uitgenodigd in het studentenverblijf van de faculteit om een kopje soep met mijn medestudenten te nuttigen. Ineens was er contact. Samen eten verbroedert. Sindsdien ben ik toch één van hen. Een vreemde eend in de bijt, maar wel hún eend. Da's een warm gevoel!

 

Sinds enige weken rijd ik met nog meer plezier de berg op. En na een zwaar college overigens ook weer af. Zo eerlijk ben ik dan ook wel weer…