1. mei, 2013

Wilhelmus van Nat Houwen

 

Ik geef het toe. Af en toe ben ik een huilebalk. Dat wil zeggen… als ik alleen ben. Zoals vandaag op koninginnendag. Het lot en de data wilden dat ik alleen in Hierden in mijn boshuisje verkeerde. In België vieren ze uiteraard geen Koninginnedag. Dus mijn Betere Belgische helft moest werken. En ik moest nog wat doen voor Broad in verband met een actie die ons bureau op de 30e april moest verzorgen. En dat, terwijl ze de dag daarop, op 1 mei in België vrij hebben in verband met de Dag Van De Arbeid. Merkwaardig overigens dat de Belgen vrij zijn als de arbeid roept. Doch dit terzijde. Derhalve zat ik in mijn eentje voor de televisie naar de inhuldiging te kijken. Ik geef het toe. Als het volkslied speelt dat komt de ontroering over mij en biggelen de tranen over mijn wangen. Dat hoeft niemand te zien. Ook mijn vrouw niet. Thuis in Leuven houd ik mij in. Ik denk dat ze het weet, maar er niets over zegt. Zodat ik me man kan blijven voelen.

 

Ik ben niet de enige in mijn soort. De hardste zakenlui heb ik zien sniffen als hun hond iets leuks deed. Of als de kat aanminnig werd. Bij een internationaal chemiebedrijf kende ik ooit een manager die een maanden lange gijzeling in het buitenland overleefde en een paar jaar later met droge ogen vierhonderd mensen ontsloeg. Maar als hij het over zijn paard had, dan welde de tranen uit zijn ogen. Een keiharde zakenvrouw die ik eens mocht adviseren ging over lijken om een contract in magazijnstellingen binnen te halen. Maar toen ze in mijn bijzijn een antiek theepotje aan gruzelementen liet vallen, liep ze brullend jankend naar een aangrenzende ruimte om van de schok te herstellen. Kortom: iedereen heeft zo zijn gevoeligheden. En ik heb er vele.

 

In deze tijden is het bestaan hard. Voor managers en hun personeel. Overleven is niet makkelijk. Het gaat altijd over mensen over wie je soms moet beslissen. Niemand houdt er rekening mee, dat daar bij de beslisser vaak veel gevoel en verdriet komt kijken. Zo’n inhuldiging is een goede reden om dan de ontroering van het leven over je te laten komen. Dan komt alles er uit. Als het volkslied aanheft heb ik het al niet meer. Ik heb het lied inmiddels al omgedoopt tot Wilhelmus van Nat Houwen. Morgen weer werken. Met droge ogen…